Helder in communicatie

In mijn praktijk staat heldere communicatie centraal, zonder dat de noodzakelijke juridische nuance verloren gaat. Mijn cliënten komen vaak bij mij terecht op een moment waarop feiten en emoties door elkaar lopen: reputaties staan onder druk, bedrijfscontinuïteit kan in het gedrang komen, en de druk van toezichthouders, opsporingsinstanties of wederpartijen voelt onmiddellijk en persoonlijk. In die omstandigheden is “mensentaal” geen versimpeling, maar een discipline: complexe dossiers vertalen naar concrete keuzes, begrijpelijke scenario’s en toetsbare stappen, met een scherp oog voor bewijs, procedure, timing en risico. Ik formuleer mijn advies doelgericht, met duidelijke kaders en met aandacht voor de handelbaarheid in de realiteit van bestuurders, compliance-teams, IT-verantwoordelijken en ondernemingen die tegelijk moeten blijven functioneren.

Mijn cliënten zijn geregeld rechtstreeks benadeeld door niet-conforme gedragingen van anderen—denk aan fraude, misbruik van gegevens, cyberincidenten, of schendingen van governance- en integriteitsregels—en worden vervolgens geconfronteerd met de secundaire schade: onderzoeken, meldplichten, reputatierisico en contractuele druk. Tegelijk gebeurt het dat diezelfde cliënten, door de dynamiek van een onderzoek of de interpretatie van een incident, zelf (mede) worden beschuldigd van betrokkenheid of tekortschieten. In die spanning lever ik advies dat niet alleen juridisch correct is, maar ook strategisch verdedigbaar: welke feiten moeten eerst worden veiliggesteld, welke communicatie is noodzakelijk (en welke is prematuur), welke verplichtingen gelden richting toezichthouders en ketenpartners, en hoe wordt controle behouden over de proceslijn. Transparantie over mijn aanpak omvat ook transparantie over kosten: ik werk met duidelijke scope-afbakening, heldere fasering, voorspelbare besluitmomenten en voortgangsrapportering, zodat mijn cliënten op elk moment weten waar het dossier staat, welke stappen volgen, en welke budgettaire implicaties daarmee gepaard gaan.

Criminal Law, Regulatory Enforcement & Corporate Accountability

Wanneer mijn cliënten te maken krijgen met strafrechtelijke risico’s of regulatoire handhaving, ligt de kern vaak in de vraag hoe feiten juridisch worden gekwalificeerd en wie binnen een organisatie verantwoordelijk wordt gehouden. Ik benader die trajecten met een dubbele focus: enerzijds een nauwgezette analyse van de feiten, het bewijs en de procespositie; anderzijds een realistische inschatting van de bredere governance-impact, inclusief gevolgen voor bestuur, aandeelhouders, toezichthouders, contractspartijen en verzekeraars. In dergelijke dossiers kan één onzorgvuldige stap—een ondoordachte verklaring, een gebrekkige interne notitie, een onvolledige rapportering—de onderhandelingsruimte onnodig verkleinen. Daarom koppel ik mijn juridische beoordeling aan een strak regiem van documentbeheer, besluitvorming en communicatie, zodat mijn cliënten niet alleen inhoudelijk sterk staan, maar ook procedureel gecontroleerd handelen.

Mijn cliënten bevinden zich in handhavingsdossiers regelmatig in een paradoxale positie: zij zijn geraakt door onrechtmatige praktijken of interne ontsporingen, maar worden tegelijk beoordeeld op wat onder hun toezicht had moeten worden voorkomen, gedetecteerd of gemitigeerd. Ik bouw de verdediging dan rond aantoonbare redelijkheid: welke governance-structuren bestonden, welke controles waren ingericht, welke signalen waren beschikbaar, en welke respons is aantoonbaar geweest zodra risico’s zichtbaar werden. Daarbij weeg ik voortdurend de strafrechtelijke dimensie af tegen bestuursrechtelijke en civielrechtelijke exposure, inclusief de vraag of en wanneer een proactieve benadering richting toezichthouder of Openbaar Ministerie strategisch verstandig is. Mijn doel is dat mijn cliënten niet worden meegezogen in een narratief dat hun handelingsvrijheid beperkt, maar dat zij feitelijk en juridisch het eigen verhaal in handen houden.

In mijn aanpak is kostentransparantie geen bijlage, maar onderdeel van het dossierontwerp. Ik werk met een duidelijke fasering—incidenttriage, feitenonderzoek, juridische kwalificatie, strategische positionering, procedurele uitvoering—en per fase een heldere afbakening van deliverables en beslismomenten. Daardoor beschikken mijn cliënten over een controleerbare routekaart: welke activiteiten zijn noodzakelijk, welke zijn optioneel maar risicoreducerend, en welke keuzes beïnvloeden de totale inzet. In handhavingszaken is snelheid vaak duurder dan precisie, maar traagheid kan duurder zijn dan snelheid; ik maak die trade-offs expliciet, zodat mijn cliënten met open ogen sturen op uitkomst, tijdslijn en budget, zonder de kernverdediging te verzwakken.

White Collar Crime Defence & Investigations

In white-collar dossiers draait de uitkomst zelden alleen om het formele juridische kader; even vaak wordt de zaak beslist op de kwaliteit van de feitenreconstructie en de geloofwaardigheid van het proces dat tot die reconstructie leidt. Ik positioneer mijn cliënten daarom met een forensische precisie: wat is er gebeurd, wanneer, door wie, met welke bevoegdheden, en welke data of documenten ondersteunen dat. Tegelijk bewaak ik de grenzen: interne onderzoeken moeten robuust zijn, maar mogen niet onnodig nieuwe risico’s creëren, bijvoorbeeld door onzorgvuldige interviews, onduidelijke bewaartermijnen, of gebrekkige “chain of custody”. Door de onderzoeksarchitectuur vanaf het begin helder te ontwerpen, creëer ik voor mijn cliënten een verdedigingspositie die standhoudt onder externe toetsing—door opsporingsinstanties, toezichthouders, auditors of wederpartijen.

Voor veel cliënten is het white-collar traject extra belastend omdat zij zich primair benadeeld voelen: door fraude, verduistering, belangenconflict of misleidende verslaggeving—en vervolgens toch in het vizier komen wegens vermeende tekortkomingen in toezicht, controle of compliance. Ik breng in die gevallen scherp onderscheid aan tussen morele verontwaardiging en juridisch relevante aansprakelijkheid, en bouw de verdediging langs de lijnen van kennis, intentie, betrokkenheid en redelijke preventie. Daarbij besteed ik bijzondere aandacht aan bestuurders- en werknemersposities: mandaten, delegaties, interne escalatieroutes en besluitvormingsmomenten moeten zorgvuldig worden gedocumenteerd en juridisch geduid. Mijn cliënten hebben baat bij een benadering die tegelijk beschermt en herstelt: bescherming tegen strafrechtelijke en bestuursrechtelijke repercussies, en herstel van vertrouwen richting stakeholders.

Ook hier hanteer ik een communicatiemodel dat de complexiteit niet verbergt, maar wel bestuurbaar maakt. Mijn cliënten ontvangen geen abstracte memo’s, maar scenario’s met concrete implicaties: welke stappen verhogen het risico, welke verlagen het, welke informatie kan worden gedeeld en welke dient strikt te worden afgeschermd onder legal privilege. Kostenstructuur en planning maak ik daarbij expliciet: interne onderzoeken kennen momenten waarop scope kan “kruipen”; ik leg vooraf vast welke triggers een scope-uitbreiding rechtvaardigen en welke niet. Zo behouden mijn cliënten regie over zowel inhoud als budget, terwijl het dossier de diepte krijgt die nodig is om beschuldigingen te weerleggen of, waar passend, adequaat te mitigeren.

Cybercrime, Incident Response & Digital Risk

Cyberincidenten ontwikkelen zich in uren, terwijl juridische verplichtingen, bewijsvoering en aansprakelijkheid zich in dagen en maanden uitkristalliseren. In mijn incident response-aanpak combineer ik snelheid met juridische discipline: eerst stabiliseren, dan veiligstellen, daarna analyseren en pas vervolgens positioneren. Mijn cliënten hebben in die fase behoefte aan heldere prioriteiten: welke systemen zijn kritisch, welke gegevens zijn geraakt, welke ketenpartners moeten worden ingeschakeld, en welke communicatie kan reputatieschade beperken zonder juridische positie prijs te geven. Ik organiseer de respons zodanig dat technische teams, management en juridische besluitvorming in één lijn werken, zodat “war room”-beslissingen later niet als onzorgvuldig of inconsistent kunnen worden uitgelegd.

Mijn cliënten zijn bij cybercrime vaak primair slachtoffer—van ransomware, datadiefstal, business email compromise of sabotage—en toch kan de buitenwereld de respons toetsen alsof het incident bewijs is van tekortschietend bestuur. Bovendien ontstaat geregeld het ongemak dat een slachtofferrol wordt betwist: bij bepaalde geldstromen of transacties kunnen cliënten zelfs verdacht worden gemaakt van nalatigheid of medeplichtigheid, terwijl de feitelijke context anders ligt. Ik stuur daarom op een verdedigingsdossier dat vanaf minuut één wordt opgebouwd: log-integriteit, vastlegging van beslismomenten, documentatie van mitigatiemaatregelen, en een juridisch onderbouwde rationale voor elke stap. Hierdoor kunnen mijn cliënten later aantonen dat de respons proportioneel, professioneel en controleerbaar was, ook onder kritische toetsing.

De kostencomponent van incident response is berucht om onvoorspelbaarheid. Ik maak die beheersbaar door de respons te structureren in fasen met duidelijke deliverables: triage & containment, forensische veiligstelling, impactanalyse, notificatie-strategie, herstel & hardening, en post-incident governance. Mijn cliënten krijgen per fase een realistische bandbreedte, inclusief de factoren die kosten opdrijven (bijvoorbeeld complexiteit van de infrastructuur, aanwezigheid van back-ups, derde-partij afhankelijkheden, en noodzaak tot 24/7 inzet). Daarmee wordt budgetsturing een onderdeel van de respons, niet een frustrerende nasleep, en blijft de focus liggen op het minimaliseren van schade en het beschermen van de juridische positie.

Privacy, Data Governance & Cybersecurity Risk Mitigation

Wanneer gegevensbescherming en data governance onder druk staan, is het zelden een academische discussie; het is een bestuurlijk risico met concrete gevolgen voor vertrouwen, contracten, toezicht en claims. Ik werk voor cliënten die benadeeld zijn door data-misbruik of inadequate beveiliging elders, maar die tegelijk worden geconfronteerd met vragen over de eigen governance, bijvoorbeeld in de keten, bij verwerkers, of bij gedeelde platforms. In die context ligt mijn focus op aantoonbaarheid: niet alleen wat beleid zegt, maar wat feitelijk is ingericht, getoetst en nageleefd. Ik vertaal verplichtingen rond privacy en security naar werkbare governance-mechanismen: heldere rollen, beslisrechten, registraties, dataclassificatie, vendor-management en controlecycli die in de praktijk uitvoerbaar zijn.

Mijn cliënten worden in dit domein geregeld geraakt door non-compliance met de GDPR bij derden: onrechtmatige verwerking, datalekken, onzorgvuldige grondslagen, of gebrekkige transparantie richting betrokkenen. Dat heeft gevolgen die verder reiken dan privacy alleen: reputatieverlies, operationele verstoring, verlies van klanten, en escalatie met toezichthouders. Tegelijk kan het gebeuren dat diezelfde cliënten, door de aard van hun rol in een verwerking of door onduidelijke afspraken, zelf in de verdachtenhoek belanden. Ik structureer de verdediging en mitigatie dan rond heldere datastromen en verantwoordelijkheden: wie bepaalt doeleinden en middelen, wie verwerkt namens wie, welke instructies zijn gegeven, welke controles zijn uitgevoerd, en waar liggen aantoonbare zorgplichten. Het resultaat is een dossier dat niet alleen juridisch coherent is, maar ook audit-proof.

Omdat data governance vaak breed en verweven is, werk ik met een strikt afgebakende aanpak om scope en kosten beheersbaar te houden. Mijn cliënten krijgen een gefaseerde route: snelle risico-scan, prioriteitenmatrix, remediëringsplan met meetbare acties, en vervolgens implementatiebegeleiding met toetsmomenten. Ik communiceer voortdurend in concrete taal: welke aanpassing levert de meeste risicoreductie, welke is “nice to have”, en welke is noodzakelijk om blootstelling richting toezichthouder of contractspartijen te verminderen. Zo ontstaat een traject waarin juridische kwaliteit, praktische uitvoerbaarheid en budgettaire transparantie elkaar versterken, in plaats van elkaar te beconcurreren.

Forensic Services & Complex Corporate Investigations

Complexe corporate investigations vragen om meer dan het verzamelen van feiten; ze vragen om een methode die de feiten juridisch bruikbaar maakt, zonder de organisatie onnodig te destabiliseren. Ik ontwerp onderzoeken voor cliënten die moeten kunnen aantonen wat er werkelijk is gebeurd—intern of extern—en die tegelijk te maken krijgen met risico’s op escalatie: arbeidsrechtelijke gevolgen, bestuurdersaansprakelijkheid, civiele claims, regulatorische interventie en strafrechtelijke aandacht. In dat spanningsveld bewaak ik de onderzoeksintegriteit: een strakke scope, controleerbare bronnen, zorgvuldig interview-design, en een rapportage-structuur die zowel intern besluitvorming ondersteunt als extern standhoudt. Het onderzoek is daarmee niet alleen een waarheidsvinding, maar ook een verdedigingsinstrument.

Mijn cliënten zijn in dit type dossiers vaak dubbel geraakt: door het onderliggende wangedrag én door de nasleep die een onderzoek op gang brengt. Daarbovenop komt soms het risico dat cliënten zelf worden beschuldigd van het niet tijdig detecteren of stoppen van het probleem, terwijl zij juist de schade proberen te beperken. Ik breng dan orde aan in causaliteit en verantwoordelijkheid: welke signalen waren objectief herkenbaar, welke signalen waren achteraf pas betekenisvol, en welke maatregelen waren op dat moment redelijkerwijs te verwachten. Ik zorg ervoor dat bevindingen scherp worden geduid—feit versus interpretatie, correlatie versus causaliteit—zodat conclusies niet verder reiken dan het bewijs toelaat, maar wel voldoende krachtig zijn om beslissingen te dragen.

Ook bij forensische trajecten is duidelijkheid over kosten en voortgang essentieel, omdat onderzoeken anders kunnen uitgroeien tot open-einde projecten. Ik werk daarom met duidelijke werkpakketten en stop-/go-momenten, waarbij mijn cliënten telkens op basis van nieuwe feiten kunnen beslissen of verdieping nodig is. De investering volgt de noodzaak: eerst de kernhypothesen toetsen, daarna pas verbreden indien de feiten dat afdwingen. Door deze aanpak behouden mijn cliënten regie over impact, interne belasting en budget, terwijl het onderzoek de kwaliteit en diepgang behoudt die nodig is om beschuldigingen te weerleggen, schade te verhalen, of governance duurzaam te versterken.

Specialized Advisory Services & Strategic Risk Consulting

In strategische adviestrajecten staat niet het produceren van juridisch elegante analyses centraal, maar het creëren van bestuurbare keuzes voor mijn cliënten in situaties waar onzekerheid en druk samenkomen. Mijn cliënten bevinden zich vaak in omgevingen waar reputatie, continuïteit en besluitvorming onder een vergrootglas liggen: stakeholders verwachten richting, toezichthouders verwachten controle, en interne teams verwachten duidelijkheid over wat wel en niet kan. Ik positioneer mijn advies daarom als een besluitvormingsinstrument: het vertaalt risico’s naar opties, opties naar consequenties, en consequenties naar een route die verdedigbaar is—juridisch, operationeel en communicatief. Daarbij bewaak ik dat juridische nuance niet verzandt in abstractie, maar wordt omgezet in concrete handelingsruimte.

Mijn cliënten zijn in deze trajecten geregeld benadeeld door niet-conforme gedragingen van derden—bijvoorbeeld in de keten, bij dienstverleners, of door frauduleuze tegenpartijen—waardoor zij in een reactieve positie worden geduwd. Tegelijk kan het gebeuren dat dezelfde cliënten, juist doordat zij proberen te herstellen en te mitigeren, zelf onderwerp worden van vragen of verdenkingen: waarom waren de controles niet eerder aangescherpt, waarom is een bepaald signaal niet opgepikt, of waarom is een rapportage niet eerder gedaan. Ik breng dan structuur aan in het narratief en de bewijspositie: welke feiten zijn onbetwist, welke aannames circuleren, welke documenten onderbouwen de zorgvuldigheid, en welke beslissingen moeten nu worden genomen om verdere schade te voorkomen. Mijn rol is dat mijn cliënten niet worden opgesloten in defensieve reflexen, maar met regie kunnen handelen.

Transparantie over kosten is in strategische consultingsituaties essentieel, omdat de scope snel kan verbreden wanneer nieuwe risico’s aan het licht komen. Ik werk daarom met duidelijke deliverables per fase: een eerste risicokaart, een scenarioanalyse, een aanbevelingsmemorandum met prioriteiten, en waar nodig implementatiebegeleiding met checkpoints. Mijn cliënten weten vooraf welk werk noodzakelijk is om tot een verdedigbaar besluit te komen, en welke verdieping een keuze is. Door die fasering ontstaat een gecontroleerd traject waarin budget, tijdslijn en inhoud elkaar versterken en waarin mijn cliënten telkens gericht kunnen bijsturen zonder de kern van het advies te verliezen.

Technology, Digital Transformation & Emerging Risk Advisory

Digitale transformatie brengt snelheid, schaal en afhankelijkheid—en daarmee juridische en strategische risico’s die vaak pas zichtbaar worden wanneer systemen al live zijn en contracten al zijn getekend. Ik begeleid mijn cliënten in deze context met een benadering die technologie niet als “IT-vraag” behandelt, maar als governance- en risico-vraagstuk: wie draagt welke verantwoordelijkheid, welke data bewegen waarheen, welke leveranciers hebben toegang, en welke waarborgen zijn aantoonbaar. Mijn advies is erop gericht dat digitalisering niet leidt tot een stapeling van impliciete aannames, maar tot expliciete keuzes die later verdedigbaar zijn tegenover auditors, toezichthouders, klanten en interne governance-organen.

Mijn cliënten worden in digitale trajecten soms geraakt door tekortschietende prestaties of non-compliance bij technologiepartners—bijvoorbeeld onvoldoende beveiliging, gebrekkige incidentmelding, of onduidelijke subcontracting—waardoor schade ontstaat die mijn cliënten moeten dragen terwijl de oorzaak buiten de eigen organisatie ligt. Tegelijk ontstaat in zulke situaties al snel een reflex van “blame allocation”, waarbij mijn cliënten zelf (mede) worden aangesproken op selection, toezicht, contractmanagement of risicobeheersing. Ik breng dan het geheel terug naar toetsbare elementen: wat is contractueel afgesproken, welke normen zijn van toepassing, welke due diligence is uitgevoerd, welke monitoring heeft plaatsgevonden, en hoe is bij afwijkingen gehandeld. Het doel is dat mijn cliënten niet op basis van veronderstellingen worden beoordeeld, maar op basis van aantoonbare governance.

Omdat digital transformation-projecten omvangrijk zijn, is doelgerichte communicatie cruciaal om te voorkomen dat risico’s in algemeenheden blijven hangen. Ik werk met een duidelijke vertaling: per projectonderdeel benoem ik de kernrisico’s, de minimale controls, de contractuele “must haves” en de organisatorische maatregelen die nodig zijn om compliance en resilience geloofwaardig te maken. Mijn cliënten krijgen hierbij helder zicht op de kostenimplicaties: welke investeringen zijn juridisch en risicotechnisch noodzakelijk, welke zijn efficiency-gedreven, en welke zijn vooral “comfort”. Door die differentiatie kunnen mijn cliënten budgetteren met realisme, terwijl de kernbescherming—tegen claims, toezicht en reputatieschade—intact blijft.

Financial Crime, FinTech Regulation & Enforcement Strategy

In financiële criminaliteitsdossiers en FinTech-regulatoire vraagstukken ligt de complexiteit zelden in één enkele norm, maar in het samenspel van transacties, processen, toezichtverwachtingen en bewijs. Mijn cliënten bevinden zich vaak in een omgeving waar snelheid van innovatie botst met strengere handhavingspraktijken: AML/CFT-vereisten, sanctieregimes, monitoringverplichtingen, screening, en incidentgedreven vragen van toezichthouders. Ik adviseer met een focus op verdedigbaarheid: welke controls zijn aantoonbaar, welke alerts zijn redelijkerwijs te verwachten, hoe wordt escalatie vastgelegd, en hoe wordt omgegaan met uitzonderingen zonder dat die uitzonderingen later als structurele tekortkoming worden gepresenteerd.

Mijn cliënten zijn geregeld benadeeld door frauduleuze transacties, misbruik van betaalinfrastructuur, identiteitsfraude of georganiseerde misleiding in de keten, en worden vervolgens geconfronteerd met de vraag waarom dit niet is voorkomen. In het verlengde daarvan kunnen cliënten, zelfs als zij primair slachtoffer zijn, in een handhavingstraject terechtkomen waarin hun eigen compliance posture ter discussie staat—of zelfs in een strafrechtelijk kader wordt getrokken. Ik positioneer dergelijke dossiers langs twee lijnen: enerzijds de feitelijke slachtofferdynamiek en de oorzakelijke keten, anderzijds de normatieve toets (wat mocht een toezichthouder of rechter redelijkerwijs verwachten van governance en monitoring). Door die twee lijnen strikt uit elkaar te houden, voorkom ik dat incidenten automatisch worden opgeblazen tot vermeende structurele nalatigheid.

Mijn communicatie in deze trajecten is consequent gericht op bestuurlijke besluitvorming en handhavingsstrategie. Mijn cliënten krijgen scenario’s: welke informatie is noodzakelijk om te delen, welke is risicovol, welke is nog onzeker en vereist eerst verificatie. Kosten en scope maak ik voorspelbaar door het werk te faseren: first response & data capture, control review & gap analysis, remediation roadmap, en engagement strategy richting toezichthouder of opsporing. Zo kunnen mijn cliënten sturen op de intensiteit van het traject, terwijl de inhoudelijke kern—het beschermen van de licentie, de reputatie en de procespositie—niet wordt gecompromitteerd.

Corporate Governance, Ethics Oversight & Compliance Management

Corporate governance en ethics oversight zijn pas echt zichtbaar wanneer het misgaat: wanneer signalen worden gemist, wanneer belangenconflicten escaleren, of wanneer een klacht uitmondt in een onderzoek. Ik begeleid mijn cliënten bij het ontwerpen en toetsen van governance- en compliance-structuren die niet alleen “op papier” kloppen, maar aantoonbaar functioneren. Daarbij ligt mijn focus op de kernvraag die in handhavings- en aansprakelijkheidsdossiers steeds terugkeert: is er een geloofwaardig systeem van preventie, detectie, escalatie en reactie, en kan mijn cliënt dat systeem ook onderbouwen met concrete bewijsstukken. Ik vertaal governance naar praktische mechanismen: mandaten, reporting lines, onafhankelijkheid, training, speak-up, disciplinaire consistentie, en een audittrail die de redelijkheid van beslissingen draagt.

Mijn cliënten komen in governance-dossiers vaak vanuit een benadeelde positie: door intern wangedrag, door misleiding van individuele actoren, of door externe druk die misbruik maakt van organisatorische kwetsbaarheden. Tegelijk kunnen zij geconfronteerd worden met verwijten dat “de organisatie” tekortschiet, en daarmee indirect met beschuldigingen richting bestuur of toezichthoudende organen. Ik breng dan scherpte aan in verantwoordelijkheidsverdeling en zorgvuldigheidsnormen: welke rol had wie, welke informatie was beschikbaar, welke controles waren ingericht, en in welke mate was afwijkend gedrag redelijkerwijs detecteerbaar. Deze benadering beschermt mijn cliënten tegen een te simplistische “had moeten weten”-logica die vaak ontstaat wanneer achteraf wordt geoordeeld met de kennis van nu.

In mijn advies rondom compliance management leg ik nadruk op helderheid in communicatie en transparantie in inzet. Mijn cliënten krijgen geen brede “best practices”-lijst, maar een prioriteitenplan dat aansluit op hun risicoprofiel en operationele realiteit: welke controls moeten eerst, welke governance-keuzes zijn cruciaal, en welke documentatie is nodig om later verdedigbaar te zijn. De kostenstructuur volgt die prioriteiten: ik werk met duidelijke pakketten—assessment, ontwerp, implementatie, toetsing—zodat mijn cliënten controle houden over zowel tempo als budget. Dit resulteert in een compliance-aanpak die niet alleen geloofwaardig oogt, maar ook standhoudt wanneer druk van buitenaf toeneemt.

ESG Compliance & Investigations

ESG is in toenemende mate een handhavings- en litigatierisico, niet alleen een reputatiethema. Mijn cliënten worden geconfronteerd met claims over supply chain, mensenrechten, milieu-impact, governance, transparantie en rapportage—vaak in een omgeving waarin verwachtingen sneller evolueren dan interne processen. Ik adviseer met een focus op aantoonbaarheid en consistentie: welke ESG-claims worden gedaan, welke data ondersteunen die claims, welke controles bestaan op leveranciers en onderaannemers, en hoe wordt omgegaan met afwijkingen. In investigations rond ESG is de kern vaak niet alleen “wat is er gebeurd”, maar “wat is er beweerd”, en of die beweringen intern voldoende zijn getoetst.

Mijn cliënten zijn geregeld benadeeld door non-compliant conduct in de keten—bijvoorbeeld schendingen door leveranciers, misleidende certificeringen, of verborgen risico’s die pas later aan het licht komen—en worden vervolgens aangesproken alsof zij die gedragingen hebben veroorzaakt of bewust hebben genegeerd. Daarnaast kan ESG-onderzoek een dynamiek creëren waarin cliënten, ook wanneer zij herstellen en remediëren, in een verdedigende positie worden geduwd tegenover stakeholders, media of toezichthouders. Ik structureer de verdediging dan rond feitelijke verificatie, contractuele en governance-verantwoordelijkheden, en de redelijkheid van de maatregelen die mijn cliënt heeft genomen. Door die redelijkheid te onderbouwen met audittrails, due diligence-dossiers en besluitvormingsdocumentatie, ontstaat een positie die zowel juridisch als reputatie-technisch houdbaar is.

Ook bij ESG-trajecten is het essentieel dat mijn cliënten vooraf weten hoe het onderzoek of compliance-project wordt ingericht, welke deliverables worden opgeleverd, en waar de kostenmomenten liggen. Ik werk met een gefaseerde aanpak: scoping & risk mapping, data validation, investigation & interviews (waar nodig), remediëringsplan, en stakeholder-communicatiestrategie. Mijn cliënten krijgen per fase duidelijkheid over de inzet en de output, zodat zij niet verrast worden door scope-uitbreiding of onnodige iteraties. Het doel is een traject dat tegelijk grondig en bestuurbaar is, en dat mijn cliënten in staat stelt om claims en beschuldigingen met feiten, structuur en consistentie te beantwoorden.

Credit Reporting & BKR Disputes

In geschillen rond kredietregistratie en BKR-dossiers staat voor mijn cliënten doorgaans méér op het spel dan een administratieve vermelding: het raakt direct aan toegang tot financiering, woonruimte, ondernemingsmogelijkheden en reputatie in het economische verkeer. Ik benader deze dossiers met een combinatie van juridische precisie en praktische doelgerichtheid, omdat de waarde van het advies uiteindelijk wordt gemeten in herstel van handelingsvrijheid. Daarbij plaats ik het vraagstuk steeds in zijn juiste context: welke registratie is gedaan, door wie, op basis van welke feiten en welke grondslag, en welke gevolgen zijn er aantoonbaar voor mijn cliënt. Ik zorg ervoor dat de communicatie en processtappen niet verzanden in abstracties, maar toewerken naar een concreet resultaat: correctie, verwijdering, beperking of een zorgvuldig onderbouwde tegenpositie.

Mijn cliënten komen in dit domein vaak binnen vanuit een benadeelde situatie: registraties die voortkomen uit fouten, onvolledige informatie, onduidelijke achterstanden, of situaties waarin derden niet zorgvuldig hebben gehandeld. Tegelijk kan de realiteit zijn dat een dossier door een kredietverstrekker of incassopartij wordt geframed alsof mijn cliënt verwijtbaar of onbetrouwbaar heeft gehandeld, waardoor de registratie als vanzelfsprekend wordt gepresenteerd. Ik breng die framing terug naar toetsbare criteria: proportionaliteit, subsidiariteit, actualiteit, juistheid en de plicht tot zorgvuldige gegevensverwerking. Waar mijn cliënten zelfs indirect worden “beschuldigd” van dezelfde gedragingen die hen hebben benadeeld—bijvoorbeeld wanneer fraude door derden leidt tot registraties op naam van mijn cliënt—bouw ik het dossier langs twee lijnen op: de feitelijke reconstructie van wat werkelijk is gebeurd, en de juridische toets van de registratiepraktijk aan de relevante normen en procedures.

In deze dossiers is helderheid over het pad en de kosten essentieel, omdat de druk om snel resultaat te boeken hoog is, maar overhaaste stappen de onderhandelingspositie kunnen verzwakken. Ik werk daarom met een doelgerichte proceslijn: eerst een strakke dossieropbouw en bewijsinventaris, vervolgens een onderbouwde sommatie of klacht, en waar nodig een procedurele escalatie met een duidelijke vordering en argumentatiestructuur. Mijn cliënten ontvangen steeds inzicht in de haalbaarheid, de mogelijke uitkomsten en de risico’s, inclusief de mate waarin een pragmatische oplossing—bijvoorbeeld een aanpassing of codering—strategisch verstandiger kan zijn dan een principiële strijd. Door die transparantie behouden mijn cliënten regie, terwijl ik de juridische nuance bewaak die nodig is om tegenover professionele partijen effectief te opereren.

Family Law & Cross-Border Disputes

In familie- en grensoverschrijdende geschillen is de juridische realiteit vaak verweven met langdurige belangen en complexe feiten, waarbij één verkeerde stap gevolgen kan hebben die jaren doorwerken. Ik benader deze dossiers met een formele, gecontroleerde strategie, gericht op de bescherming van de rechtspositie van mijn cliënten en, waar relevant, het beheersen van internationale dimensies zoals bevoegdheid, toepasselijk recht en erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen. Mijn cliënten hebben in dit soort situaties behoefte aan een benadering die tegelijk empathisch in toon kan zijn, maar strikt is in methodiek: wat is het doel, welke route is juridisch het sterkst, welke uitkomst is praktisch uitvoerbaar, en hoe worden escalaties beperkt. Ik vertaal die vragen naar een concreet plan met duidelijke keuzes en een voorspelbare proceslijn.

Mijn cliënten bevinden zich in familiedossiers niet zelden in een benadeelde positie als gevolg van niet-naleving van afspraken, drukmiddelen in onderhandelingen, of grensoverschrijdende manoeuvres die de balans verstoren. Tegelijk kan het gebeuren dat mijn cliënten door de dynamiek van het conflict worden afgeschilderd als de veroorzaker van de problematiek, of zelfs als partij die dezelfde verwijten verdient als degene die hen benadeelde. Ik breng dan het dossier terug naar feiten, bewijs en juridisch relevante criteria, zodat emotie niet de plaats inneemt van toetsbaarheid. In cross-border contexten betekent dit onder meer dat ik scherp let op timing en forumkeuze: het moment van procederen, de plek waar een vordering wordt ingesteld, en de consistentie van de communicatie kunnen bepalend zijn voor de uiteindelijke uitkomst. Mijn rol is dat mijn cliënten niet worden verrast door internationale complicaties, maar dat die complicaties juist strategisch worden beheerst.

Kosten en verwachtingen moeten in familiezaken helder zijn, omdat de combinatie van emotionele belasting en procedurele onzekerheid anders leidt tot een oncontroleerbaar traject. Ik werk daarom met duidelijke fasering: precontentieuze analyse en strategie, dossieropbouw en bewijs, onderhandelingen of mediation met strikte randvoorwaarden, en pas daarna—indien noodzakelijk—procederen met een scherp omlijnde inzet. Mijn cliënten weten steeds waar zij staan en waar het dossier naartoe gaat, inclusief de implicaties van elk scenario. Door die aanpak ontstaat een traject waarin mijn cliënten niet alleen juridisch worden beschermd, maar ook praktisch worden geholpen om beslissingen te nemen die standhouden, ook wanneer de druk van de wederpartij of de complexiteit van meerdere rechtsstelsels toeneemt.

Dispute Resolution & Litigation

In geschilbeslechting en litigation draait het voor mijn cliënten om meer dan het “winnen” van een punt; het gaat om het beschermen van waarde—reputatie, continuïteit, assets, contractuele positie—en het beperken van escalatiekosten. Ik benader procedures daarom als een instrument binnen een bredere strategie, niet als doel op zich. Mijn cliënten krijgen van mij een scherpe analyse van de juridische merites, maar ook van de procesrealiteit: bewijspositie, voorspelbaarheid van uitkomsten, tijdslijnen, executierisico en de dynamiek van wederpartijen. Ik vertaal dat naar heldere keuzes: procederen, schikken, tijdelijk veiligstellen via voorlopige maatregelen, of parallel inzetten op onderhandelingen terwijl de procesdruk wordt opgebouwd.

Mijn cliënten zijn in litigation vaak primair benadeeld door niet-conforme gedragingen van anderen—contractbreuk, misleiding, onrechtmatige gegevensverwerking, fraude, of governance-falen—en toch kan een wederpartij het conflict omdraaien door mijn cliënten te beschuldigen van dezelfde tekortkomingen. Juist in die “mirror allegation”-situaties is een gestructureerde dossieropbouw essentieel: de feitenlijn moet onwrikbaar zijn, de juridische kwalificatie consistent, en de communicatie zorgvuldig afgestemd op het risico dat uitlatingen later tegen mijn cliënt worden gebruikt. Ik werk met een bewijs-gedreven aanpak: welke documenten, logs, correspondentie, besluiten en getuigen ondersteunen de kernstelling; welke onzekerheden bestaan; en hoe wordt voorkomen dat irrelevante ruis het dossier domineert. Dit maakt het mogelijk om niet alleen te reageren, maar ook het tempo en de richting van het geschil te bepalen.

Transparantie over kosten is in procedures cruciaal, omdat litigation—zonder strakke regie—snel kan ontsporen in omvang en inzet. Ik werk daarom met duidelijke procesfases en beslismomenten: early case assessment, pre-action correspondence, voorlopige voorzieningen (waar nodig), bodemprocedure, bewijslevering, en afronding via vonnis of settlement. Mijn cliënten krijgen per fase inzicht in doel, inzet en budgettaire impact, inclusief de factoren die kosten beïnvloeden zoals omvang van bewijs, deskundigen, internationale aspecten of parallelle trajecten. Zo ontstaat een litigation-strategie waarin juridische nuance, praktische haalbaarheid en financiële voorspelbaarheid samenkomen, en waarin mijn cliënten op elk moment weten welke stap wordt gezet, waarom die stap wordt gezet, en welke uitkomst daarmee realistisch wordt nagestreefd.

Previous Story

Strafrechtelijke handhaving & compliance

Next Story

Pragmatisch

Latest from Visie en Waarden

Gedrevenheid

Mijn gedrevenheid begint met passie voor het recht, maar zij eindigt daar niet. In mijn praktijk…

Persoonlijke aandacht

Persoonlijk maatwerk, met een doelgerichte en dossier-specifieke aanpak—geen standaardoplossingen. Iedere vraag en ieder probleem vraagt om een…

Gespecialiseerd

Ik positioneer mijn dienstverlening rondom één vaste belofte: ik zet gespecialiseerde expertise doelgericht in en reik…

Snelheid

Tijd is in de praktijk zelden een neutrale factor. Mijn cliënten worden regelmatig geconfronteerd met juridische…

Pragmatisch

Ik werk vanuit één uitgangspunt: mijn cliënten hebben behoefte aan werkbare oplossingen die aantoonbaar effect sorteren…