Integrated Financial Crime Risk Management
Binnen Milieudiensten en circulaire economie is Integrated Financial Crime Risk Management geen afzonderlijke compliance-laag, maar een manier om juridische, operationele en integriteitsrisico’s vanuit één samenhangend feiten- en risicobeeld te sturen. De inhoudelijke ankers in dit blok zijn Milieugovernance, integratie van het drie-lijnenmodel en bestuurlijke verantwoordelijkheid, Afvalcriminaliteit, illegale stort, valse classificatie en georganiseerd misbruik en Fraude in de circulaire economie, recyclingclaims en integriteit van materiaalstromen. Voor “Milieugovernance, integratie van het drie-lijnenmodel en bestuurlijke verantwoordelijkheid” geldt het volgende. Hier moeten eigenaarschap, onafhankelijke tegenspraak, beslissingsbevoegdheden, escalatie en bestuurlijke informatie zó worden ingericht dat verantwoordelijkheden helder blijven en materiële besluiten later volledig kunnen worden gereconstrueerd.
Voor “Afvalcriminaliteit, illegale stort, valse classificatie en georganiseerd misbruik” geldt het volgende. Hier wordt het onderwerp vertaald naar verifieerbare feiten, expliciet eigenaarschap, materialiteitscriteria, proportionele beheersmaatregelen, duidelijke escalatie en bewijs waarmee de gekozen handelwijze later kan worden getoetst. Voor “Fraude in de circulaire economie, recyclingclaims en integriteit van materiaalstromen” geldt het volgende. Hier staat centraal hoe gedrags-, identiteits-, betalings- en netwerkindicatoren tijdig worden gecombineerd, hoe slachtoffers en activa worden beschermd en hoe onderzoek, blokkering, melding en herstel juridisch zorgvuldig worden gedocumenteerd.
Voor deze marktsector betekent dit dat signalen uit bedrijfsvoering, juridische functie, compliance, financiën, data, technologie en onderzoek niet naast elkaar mogen blijven bestaan wanneer zij op dezelfde klant, transactie, derde partij, gebeurtenis of beslissing betrekking hebben. De kwaliteit van de beheersing wordt daarom niet afgemeten aan het aantal afzonderlijke controles, maar aan de vraag of materiële blootstelling tijdig wordt herkend, eigenaarschap helder is en beslissingen steunen op voldoende feiten en bewijs.