Integrated Financial Crime Risk Management
Binnen Overheid, publieke sector en maatschappij is Integrated Financial Crime Risk Management geen afzonderlijke compliance-laag, maar een manier om juridische, operationele en integriteitsrisico’s vanuit één samenhangend feiten- en risicobeeld te sturen. De inhoudelijke ankers in dit blok zijn Governance van de publieke sector, integratie van het drie-lijnenmodel en bestuurlijke verantwoordelijkheid, Toezichtgovernance, onafhankelijkheid, verantwoordelijkheid en besluitvormingsarchitectuur en Governance van defensie en veiligheid, integratie van het drie-lijnenmodel en bestuurlijke verantwoordelijkheid. Voor “Governance van de publieke sector, integratie van het drie-lijnenmodel en bestuurlijke verantwoordelijkheid” geldt het volgende. Hier moeten eigenaarschap, onafhankelijke tegenspraak, beslissingsbevoegdheden, escalatie en bestuurlijke informatie zó worden ingericht dat verantwoordelijkheden helder blijven en materiële besluiten later volledig kunnen worden gereconstrueerd.
Voor “Toezichtgovernance, onafhankelijkheid, verantwoordelijkheid en besluitvormingsarchitectuur” geldt het volgende. Hier moeten eigenaarschap, onafhankelijke tegenspraak, beslissingsbevoegdheden, escalatie en bestuurlijke informatie zó worden ingericht dat verantwoordelijkheden helder blijven en materiële besluiten later volledig kunnen worden gereconstrueerd. Voor “Governance van defensie en veiligheid, integratie van het drie-lijnenmodel en bestuurlijke verantwoordelijkheid” geldt het volgende. Hier moeten eigenaarschap, onafhankelijke tegenspraak, beslissingsbevoegdheden, escalatie en bestuurlijke informatie zó worden ingericht dat verantwoordelijkheden helder blijven en materiële besluiten later volledig kunnen worden gereconstrueerd.
Voor deze sectorgroep betekent dit dat signalen uit bedrijfsvoering, juridische functie, compliance, financiën, data, technologie en onderzoek niet naast elkaar mogen blijven bestaan wanneer zij op dezelfde klant, transactie, derde partij, gebeurtenis of beslissing betrekking hebben. De kwaliteit van de beheersing wordt daarom niet afgemeten aan het aantal afzonderlijke controles, maar aan de vraag of materiële blootstelling tijdig wordt herkend, eigenaarschap helder is en beslissingen steunen op voldoende feiten en bewijs.