Integrated Financial Crime Risk Management
Binnen Consumenten, retail en voeding is Integrated Financial Crime Risk Management geen afzonderlijke compliance-laag, maar een manier om juridische, operationele en integriteitsrisico’s vanuit één samenhangend feiten- en risicobeeld te sturen. De inhoudelijke ankers in dit blok zijn Retailgovernance, integratie van het drie-lijnenmodel en bestuurlijke verantwoordelijkheid, Governance van food en agribusiness, integratie van het drie-lijnenmodel en bestuurlijke verantwoordelijkheid en Hospitality-governance, integratie van het drie-lijnenmodel en bestuurlijke verantwoordelijkheid. Voor “Retailgovernance, integratie van het drie-lijnenmodel en bestuurlijke verantwoordelijkheid” geldt het volgende. Hier zijn datakwaliteit, herleidbaarheid van data, toegangsbeheer, model- en cyberrisico, uitlegbaarheid, logging en digitale bewijsintegriteit bepalend voor zowel de operationele werking als de latere juridische verdedigbaarheid.
Voor “Governance van food en agribusiness, integratie van het drie-lijnenmodel en bestuurlijke verantwoordelijkheid” geldt het volgende. Hier moeten eigenaarschap, onafhankelijke tegenspraak, beslissingsbevoegdheden, escalatie en bestuurlijke informatie zó worden ingericht dat verantwoordelijkheden helder blijven en materiële besluiten later volledig kunnen worden gereconstrueerd. Voor “Hospitality-governance, integratie van het drie-lijnenmodel en bestuurlijke verantwoordelijkheid” geldt het volgende. Hier moeten eigenaarschap, onafhankelijke tegenspraak, beslissingsbevoegdheden, escalatie en bestuurlijke informatie zó worden ingericht dat verantwoordelijkheden helder blijven en materiële besluiten later volledig kunnen worden gereconstrueerd.
Voor deze sectorgroep betekent dit dat signalen uit bedrijfsvoering, juridische functie, compliance, financiën, data, technologie en onderzoek niet naast elkaar mogen blijven bestaan wanneer zij op dezelfde klant, transactie, derde partij, gebeurtenis of beslissing betrekking hebben. De kwaliteit van de beheersing wordt daarom niet afgemeten aan het aantal afzonderlijke controles, maar aan de vraag of materiële blootstelling tijdig wordt herkend, eigenaarschap helder is en beslissingen steunen op voldoende feiten en bewijs.